"Stem" zijn van het Woord

De christelijke prediking verkondigt geen "woorden", maar het Woord, en de verkondiging valt samen met de persoon van Christus zelf (.)
Een authentieke dienst aan het Woord vereist dus van de priester dat hij gericht is op een diepgaande verloochening van zichzelf, zodat hij met de apostel kan zeggen: Ikzelf leef niet meer, het is Christus die leeft in mij. Een priester kan zichzelf niet beschouwen als de "leraar" van het Woord, maar als de dienaar. Hij is niet zelf het woord, maar, zoals Johannes de Doper zei, de "stem" van het Woord.
"Stem" zijn (...) veronderstelt dat iemand zich met heel zijn wezen "verliest" in Christus en deelheeft aan zijn mysterie van dood en verrijzenis met heel zijn ik: intelligentie, vrijheid en wil, en met het offer van zijn eigen lichaam als een levend offer (vgl. Rm 12,1-2).
Alleen het deelhebben aan het offer van Christus, aan zijn kenosis, het afstand doen van zichzelf, maakt de verkondiging authentiek!
Benedictus XVI
Catechese tijdens de algemene audiëntie - 24 juni 2009